Introductie tot het Courtisane festival 2024

Een gesprek met artistiek leider Pieter-Paul Mortier

Van woensdag 27 maart tot en met zondag 31 maart vindt het 23ste Courtisane festival plaats in Gent, specifiek in Minard, Sphinx Cinema, KASKcinema en Paddenhoek. Tijdens het festival onderzoekt Courtisane, een platform voor film en audiovisuele kunsten, de relaties tussen beeld en wereld, esthetiek en politiek, experiment en engagement. Pieter-Paul Mortier, artistieke en zakelijke coördinator van het festival, gidst ons door het programma van dit jaar.

Onze selectie van het programma van Courtisane festival 2024 vind je hier en het volledige programma hier.

Tim Maerschand: Courtisane kenmerkt zich als genre-overschrijdend. Wat houdt dat concreet in?

Pieter-Paul Mortier: Genre-overschrijding ontstaat vanzelf, waardoor het moeilijk is Courtisane heel precies te definiëren. Aan bod komen verschillende vormen van film en audiovisuele kunsten, zowel van filmmakers als makers uit de beeldende kunst en geluidskunst. Ongeacht de speelduur. Een constante is dat we ver weg staan van de klassieke filmindustrie. We vertonen films die je doorgaans niet kan vinden in de reguliere filmcircuits.

Het festival behoudt het avontuurlijke en uitdagende karakter, maar het programma is na vele jaren behoorlijk anders ingedeeld. Met dit jaar maar liefst zes secties en geen artists in focus?

We voelden dat we klaar waren voor verandering. Het festival kreeg pakweg tien jaar geleden een vaste structuur. Die was ingericht om een vorm te vinden voor wat we wilden vertonen. Dat heeft goed gewerkt, maar als je niet voorzichtig bent, begint de structuur te bepalen wat je vertoont. Moet een programma bijvoorbeeld altijd twee artists in focus bevatten? We schrappen de categorie niet in geest, wel in naam. De kans is groot dat iets gelijkaardigs terugkeert bij een volgende editie, zonder dat we onszelf er jaarlijks toe verplichten. Terwijl het programma vroeger bestond uit drie hoofdcategorieën (selectie, artists in focus en een specifiek thematisch programma), zijn er nu meer eilanden. We hopen uiteraard dat die over het programma heen in verbinding komen met elkaar. Een archipel hebben we het op een zeker moment genoemd.

Welke rol nemen de programmatoren in bij de samenstelling van enerzijds de aparte secties en anderzijds het overkoepelend geheel?

Het team bestond voor een lange periode uit vier programmatoren: Stoffel Debuysere, María Palacios Cruz, Vincent Stroep en mezelf. We hebben met z’n vieren heel natuurlijk kunnen samenwerken, soms versterkt door externe curatoren en vaak in dialoog met de filmmakers of kunstenaars zelf. Binnen het geheel had iedereen in zekere zin een eigen ruimte. Voor ons mogen programma’s niet worden gedragen door een compromis. Met de aanstelling van María als directeur van het Open City Documentary Festival in Londen moest de kernploeg sowieso worden herzien. Bovendien hebben we het altijd al belangrijk gevonden het festival zelf ter discussie te durven stellen. We voelden al langer hoe sommige vragen vandaag de dag nog meer aan de orde zijn, zoals wie bepaalt wat er wordt vertoond. Om ruimte te geven aan andere stemmen is voor deze editie de ploeg uitgebreid naar elf programmatoren. Best een grote sprong, waarbij een nieuwe vraag rijst: wat betekent ruimte geven? We zitten nu in een soort overgangsfase. Een spannend moment. Zorgen voor coherentie is daarbij een grote uitdaging, maar instinctief zochten we voorzichtig in een richting die coherentie vermoedelijk waarborgt, zodat voor de bezoeker de verschillende stemmen mooi samenklinken. We spreken graag van resonantie tussen de programmaonderdelen. Ons eerste gevoel geeft aan dat het verrijkend werkt en bevestigt eveneens dat het nodig was. Nieuwe blikken en invalshoeken, andere keuzes en gevoeligheden. Hopelijk ervaart het publiek het nog steeds als Courtisane, wat dat ook moge betekenen.

Het grootste programmaonderdeel zijn de zogenoemde ‘Selecties’, zestien in totaal, waarvan de meeste meer dan één film bevatten. Hoe komen die selecties tot stand?

Bij selecties die meerdere films tellen, gaat het eerder om kort werk. Wanneer we een korte film bijzonder vinden, vragen we de maker het nieuwe werk te presenteren in context met ouder werk om zo een dialoog te creëren. De selectie gebeurt dan in samenspraak. Het gaat om eigen werk of dat van filmmakers en kunstenaars die belangrijk zijn voor de maker, soms historisch werk en soms meerdere films van dezelfde maker. Dat deed Courtisane al langer, maar nu gaan we daar nog een stapje verder in, omdat er meer programmatoren bij betrokken zijn. In het geval van de selecties zijn dat drie jonge curatoren uit de postgraduaatopleiding Film Curating Studies aan de Elías Querejeta Zine Eskola (EQZE) in Spanje. Een aantal kunstenaars, onder wie Anouk De Clercq en Morgan Quaintance, hebben dit jaar volledig autonoom een selectie samengesteld. Ook de slotavond is opgebouwd uit korte films, met name Branden van Lisette Ma Neza Ntukabumwe, bekend als performer, slam poet én de allereerste stadsdichter van Brussel, en de debuutfilm Bamssi die Mourad Ben Amor maakte in dialoog met zijn nicht Fairuz Ghammam. Twee kleine films, in de allermooiste betekenis van het woord klein, maar met zeer grote implicaties en verweven met complexe realiteiten.

Langere werken kunnen daarnaast op zichzelf staan in het programma?

Zoals de openingsfilm van het festival, The Tuba Thieves. Via het opmerkelijke, waargebeurde verhaal van gestolen tuba’s in Los Angeles verkent de Amerikaanse filmmaker en beeldend kunstenaar Alison O’Daniel, die zelf doof is, de impact van geluid op de wereld van doven en hardhorigen. De verschillende manieren van non-verbale communicatie en experimenten in de film resulteren in een bijzondere kijk- en luisterervaring. Je wordt uitgedaagd je kijken en luisteren te hercalibreren. Ik ben alvast benieuwd naar de publieke reacties. Een atypische productie voor Courtisane, in samenwerking met Film Fest Gent, is een naar onze normen grootschalige podiumvoorstelling, The Daughters of Fire, met filmbeelden van Pedro Costa, met zangers en livemuziek van het barokensemble Os Músicos do Tejo.

De vijf andere secties zijn opgebouwd vanuit een historische en/of thematische verwevenheid. 'We Have Long Been Silent' wil, zoals de titel impliceert, een stem geven aan hen die voor lange tijd gemarginaliseerd zijn in de filmgeschiedenis.

‘We Have Long Been Silent’ werd samengesteld door Kris Woods. Hij ging vorig jaar bij de film Winter Adé in gesprek met regisseur Helke Misselwitz, die we dankzij hem hadden leren kennen. Het was hartverwarmend om jongere generaties in contact te kunnen brengen met Helke. Zij is een fantastische filmmaker en, zo bleek, maakt deel uit van een krachtige generatie vrouwelijke filmmakers uit Duitsland die heel actief waren tijdens de jaren ‘70 en ‘80. Wanneer we denken aan het gouden tijdperk van de Neuer Deutscher Film, komen we jammer genoeg steevast uit bij dezelfde namen van mannelijke regisseurs. Films van vrouwen uit die tijd worden zelden vertoond en zelden besproken, terwijl ze toch ontzettend belangrijk zijn. Vandaar dat we Kris vroegen er een uitgebreid programma aan te wijden, deels tijdens het festival als introductie tot wat volgt in CINEMATEK tijdens de zomer.

Meer vrouwelijke stemmen komen aan bod in het programmaonderdeel met de plastische titel ‘It drips, it splashes, it burns, it scrapes’.

Een spectaculaire titel aangebracht door de programmator van dit onderdeel, Eva van Tongeren, filmmaker en een van de trekkers van het Visite Film Festival in Antwerpen. Vorig jaar stelde Eva twee korte programma’s samen voor Courtisane. Dit jaar kwam zij vanuit de relatie tussen vrouwelijke lichamen en kwetsbaarheid tot een verzameling films met feministische thema’s en vragen over biopolitiek, identiteit en emancipatie. Kunstenaars uit verschillende artistieke ruimtes en generaties komen erin samen. Ik kijk ernaar uit om het zelf te ontdekken.

Ook de sectie ‘Politics of the Voice’ zet in op de stem?

‘Politics of the Voice’ wordt gecureerd door de Brits-Caribische stem- en bewegingskunstenares Elaine Mitchener, een klassiek geschoolde componiste en vocaliste, maar experimenteel in haar uitvoering. Op onze vraag heeft zij, opnieuw, volledig autonoom, een programma samengesteld over de poëtische en politieke mogelijkheden van de menselijke stem. Daarvoor heeft ze enkele bevriende kunstenaars uitgenodigd. Het programma is ingedeeld in drie sessies, met onder meer een elektroakoestische presentatie door Loré Lixenberg, een vocale performance van Audrey Chen en gedichten voorgedragen door Nhã Thuyên en Jay Bernard. Elaine zal zelf ook een performance brengen, in een muzikaal duet met Neil Charles op de bas. Zij koos bovendien drie prachtige videowerken uit de jaren ‘70 van de te vroeg overleden Amerikaans-Zuid-Koreaanse Theresa Hak Kyung Cha.

‘Politics of the Voice’ is een voortzetting van de reeks ‘Echoes of Dissent’, net zoals het programmaonderdeel ‘Thinking with Dub Cinema’?

‘Echoes of Dissent’ is op zich al een voortzetting van de reeks ‘Figures of Dissent’, gedurende vele jaren evenzeer een onderdeel van zowel het festival als onze jaarwerking. Ontstaan uit een onderzoeksproject aan KASK van onze collega / programmator Stoffel Debuysere, onderzocht ‘Figures of Dissent’ de relatie tussen cinema en politiek. Sindsdien is het onderzoek, en daarmee ook de reeks binnen Courtisane, geheroriënteerd naar de relatie tussen de klankband en de politieke dimensie. Wat resoneert met zo goed als alle andere programmaonderdelen van het festival, want het auditieve wordt dit jaar misschien nog meer geaccentueerd dan andere jaren. Voor ‘Thinking with Dub Cinema’ zijn curatoren Kodwo Eshun en Louis Henderson vertrokken van teksten door Greg Tate en Okwui Enwezor over Handsworth Songs, een sleutelfilm in het werk van Black Audio Film Collective (dat de voorbije jaren al regelmatig opdook in het programma) en in de essayistische filmtraditie tout court. Tate en Enwezor introduceerden het idee of het begrip dubcinema. Dub verwijst naar een elektronische muziekvorm ontstaan uit reggae in de late jaren ‘60 en vroege jaren ‘70. Via onder meer echo en reductie ontbindt dubmuziek het wezen van een song. Het sonisch proces kan daarnaast politiek worden bekeken en beluisterd, door Enwezor gelieerd aan het idee van een historisch gekleurde dubcinema geïnspireerd op het baanbrekende Black Audio Film Collective. ‘Thinking with Dub Cinema’ nodigt uit om na te denken over dub als een cine-sonisch proces aan de hand van vier kijk-, lees- en luistersessies tijdens twee studiedagen, drie filmvertoningen, inclusief Handsworth Songs, en een laatavond-luistersessie in De Roes.

Een laatste sectie, ‘The Skin of the World’, heeft als ondertitel: proposities voor een cinema van resonantie. Wat houdt zo’n cinema in en hoe vertaalt zich dat naar het programma?

Resonantie omvat een veelheid aan betekenissen. Het programma, samengesteld door Stoffel Debuysere, streeft naar het formuleren van een aantal voorzichtige voorstellen om het begrip te benaderen vanuit cinema. Doorgewinterde bezoekers kennen mogelijk reeds enkele films in kwestie en hun makers (onder wie Annik Leroy, Apichatpong Weerasethakul, Jia Zhangke en Manon de Boer), maar het voelen en denken weerklinkt ook in de bijzondere, op het eerste gezicht weinig evidente wijze waarop ze worden gecombineerd. Welke resonantie ontstaat er wanneer die films elkaar ontmoeten? Hoe kunnen ze tot elkaar spreken? Ik ben zelf erg benieuwd. Mij doet het denken aan hoe curatoren als Amos Vogel of Alexander Horwath in het verleden experimenteel durfden te programmeren, op zoek naar nieuwe connecties. Een voorbeeld uit ‘The Skin of the World’: Get Out of the Car van Thom Anderson, sleutelfiguur in de experimentele Amerikaanse cinema, en Jia Zhangke’s langspeeldebuut Xiao Wu [Pickpocket]. Ik kan me niet voorstellen dat die twee ooit al samen zijn vertoond.

NEWS
11.03.2024
NL EN
Sabzian's seasonal roundup of recently published and forthcoming film publications.
Each month, Sabzian lists upcoming Belgian premieres, releases and festivals.